Nieuwe regels

De openbare verhoren van de Parlementaire Enquête Woningcorporaties zijn nog in volle gang en veel interviews bieden al interessante inzichten in de diverse affaires. Het gaat over Maserati’s en Audi’s, derivaten en renterisico’s en de eigen verantwoordelijkheid versus die van de anderen. Het rapport van de commissie komt in oktober beschikbaar en we mogen, denk ik, rekenen op interessante conclusies voor de woningcorporaties en ongetwijfeld ook voor andere (maatschappelijke) sectoren.

Bijzonder was ook het interview met Erik Staal, voormalig voorzitter van de Raad van Bestuur van Vestia. Minister Blok voor Wonen vat dit interview treffend samen: “Hij had kennelijk wat moeite met zijn geheugen.” Ook geeft Blok aan dat hij, vooruitlopend op de onderzoeksresultaten, “een heel pakket wetgeving” heeft klaarliggen. Hij hoopt daarmee “het soort excessen” in de toekomst te voorkomen. Ik hoop het ook.

Toch vraag ik me af of de inzet van het middel “extra regels” een goed antwoord is op de problemen. Natuurlijk kunnen wij vastleggen dat het rijden in een Maserati niet is toegestaan of het incasseren van de helft van de fee van de derivatencontracten door degene die dit contract afsluit niet mag. Maar Möllenkamp heeft zelf aangegeven dat hij dan maar “gewoon” in zijn Audi A8 (!) is gaan rijden. En De Vries vindt dat zijn arbeidscontract niet uitsluit dat hij € 10 miljoen extra inkomsten zou mogen incasseren. Hij heeft het bovendien keurig aangegeven bij de fiscus. Iedere regel die wordt toegevoegd, leidt weer tot nieuwe mogelijke interpretaties van wat er wel staat en wat er niet staat. En als het er niet staat dan mag het kennelijk.

Gedrag en moraal laten zich niet of nauwelijks regelen met regels. Misschien kunnen we juist meer leren van de corporaties die het allemaal keurig doen, van toezichthouders die echt betrokken zijn en van banken die hun zorgplicht serieus nemen. Waarbij de macht in balans is. Waarbij niet het financiële gewin maar het belang van huurder én maatschappij centraal staan.

Peter Kasteleyn

Vergelijkbare berichten

  • Afscheidsinterview voorzitter raad van toezicht Peter Kasteleyn

    In Nieuwsbrief Maatvast < LEES HIER > Hoe lang ben je voorzitter geweest van de raad van toezicht? Acht jaar. Omdat Maatvast in 2013 gestart is, werd toen ook een nieuwe raad van toezicht gevormd. Om te voorkomen dat we allemaal na twee termijnen van vier jaar tegelijk zouden vertrekken, is de afgelopen tijd ieder…

  • Not so SMART

    Plannen moeten Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden zijn. Ik geef toe: bij mijn opdrachten dring ook ik regelmatig aan op SMART-plannen. Toch werkt het SMART maken van plannen maar beperkt. Een voorbeeld. Ik heb een plan voor deze zomer: ‘ik wil een leuke vakantie hebben’. Over dit plan kunnen we kort zijn: het is…

  • Waarde van management informatie

    Veel mensen vinden management informatie een rituele dans. Iedere maand weer veel tijd besteden aan het opstellen en analyseren van de cijfers! Toch is management informatie van onschatbare waarde. Men zegt wel: “meten is weten, gissen is missen”. Management informatie doet echter meer: management informatie is een communicatiemiddel (controller zegt hoe het ervoor staat, management…

  • Drie keer fout

    In de aanloop naar de klimaattop in Parijs hebben ruim zestig hoogleraren aan het kabinet en de Tweede Kamer gevraagd alle elf kolencentrales in Nederland te sluiten. Een zinnig voorstel dat veel reacties heeft uitgelokt. Reacties die niet altijd met goede (bedrijfs-) economische argumenten gepaard gaan. Fout 1: Het is kapitaalvernietiging Minister van Economische Zaken…

  • Big Data en de controller

    Big data staat volop in de belangstelling. Eerst werd het vooral gezien als onderwerp voor IT-freaks, de laatste tijd krijgt ook de controller steeds meer met Big Data te maken. Wat is big data? Big data betreft zo’n beetje alle gegevens die beschikbaar zijn: cijfers, tekst, video’s en geluiden. Het gaat om informatie uit databases,…

  • Groot of klein

    Minister Bussemaker heeft onlangs voorgesteld de omvang van mbo-instellingen terug te brengen tot maximaal 5.000 studenten. De minister wil dat mbo’s herkenbaarder worden zowel voor studenten, ouders, docenten als voor het regionale bedrijfsleven. Waarom een instelling van 5.100 niet herkenbaar zou zijn en van 4.900 wel wordt niet duidelijk. Gelijktijdig hanteert de overheid ook ondergrenzen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *